Zondag 12 april 2026 om 09.30 uur

Domkerk, Beloken Pasen
Voorganger(s): ds. Lennart van Berkel
Tekst(en): Zacharia 11: 1-11a & Zacharia 11: 11b-17 & Filippenzen 4: 5-9
Ouderling(en): Erik Elgersma
Organist: Wim Loef

Beamer: Cees Vermeer
Streamer: Peter de Rijcke
Bijbellezer: Ria vd Mark-Maan
Collecte: 1. de Glind, 2 de kerk
Locatie: Domkerk

Klik op de button om mee te luisteren   
Meekijken? Dit kan door te klikken op dit logo:   of via 

   
Orde van dienst:
Orgelspel
Thema: Verbonden in vriendelijkheid
Welkom
Intochtslied | Psalm 90: 1 (Nieuwe Psalmberijming) +  8 (NLB)
1. Heer, U bent onze schuilplaats in gevaren.  
    Al generaties lang wilt U ons sparen.
    Nog voor de bergen uit de aarde rezen,
    voor U het land een plek had toegewezen,
    was U al God; dat blijft U voor altijd,
    van eeuwigheid en tot in eeuwigheid.
8. Laat, Heer, uw volk uw daden zien en leven  
    en laat uw glans hun kinderen omgeven.
    Zie op ons neer met vriendelijke ogen.
    O God, bescherm ons in ons onvermogen.
    Bevestig wat de hand heeft opgevat,
    het werk van onze hand, bevestig dat.

Stil gebed
Bemoediging en groet
Lied 221: 1 + 2
1. Zo vriendelijk en veilig als het licht,
    zo als een mantel om mij heen geslagen,
    zo is mijn God, ik zoek zijn aangezicht,
    ik roep zijn naam, bestorm Hem met mijn vragen,   
    dat Hij mij maakt, dat Hij mijn wezen richt.
    Wil mij behoeden en op handen dragen.
2. Want waar ben ik, als Gij niet wijd en zijd   
    waakt over mij en over al mijn gangen.
    Wie zou ik worden, waart Gij niet bereid
    om, als ik val, mij telkens op te vangen.
    Ik leef niet echt, als Gij niet met mij zijt.
   Ik moet in lief en leed naar U verlangen.

Leefregel: 1 Petrus 1: 3-9
3Geprezen zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus: in zijn grote barmhartigheid heeft Hij ons door de opstanding van Jezus Christus uit de dood opnieuw geboren doen worden en ons zo levende hoop gegeven. 4-5Er wacht u, die vanwege uw geloof door Gods kracht wordt beschermd, in de hemel een onvergankelijke, ongerepte erfenis die nooit verwelkt. U ziet de redding tegemoet, die klaarligt om aan het einde van de tijd geopenbaard te worden. 6Verheug u hierover, ook al moet u nu tot uw verdriet nog een korte tijd allerlei beproevingen verduren. 7Zo kan de echtheid blijken van uw geloof – zoveel kostbaarder dan vergankelijk goud, dat toch ook in het vuur wordt getoetst – en zo verwerft u lof, eer en roem wanneer Jezus Christus zich zal openbaren. 8U hebt Hem lief zonder Hem ooit gezien te hebben; en zonder Hem nu te zien gelooft u in Hem en ervaart u een onuitsprekelijke, hemelse vreugde, 9omdat u het einddoel van uw geloof bereikt: uw redding.

Lied 221: 3
3. Spreek Gij het woord dat mij vertroosting geeft,
    dat mij bevrijdt en opneemt in uw vrede.
    Ontsteek die vreugde die geen einde heeft,
    wil alle liefde aan uw mens besteden.
    Wees Gij vandaag mijn brood, zowaar Gij leeft –
    Gij zijt toch zelf de ziel van mijn gebeden.

Gebed
Lezing uit het Oude Testament: Zacharia 11: 1-11a
1Open je poorten, Libanon!
Vuur zal je ceders verteren.
2Klaag, cipres, want gevallen is de ceder:
de machtigen zijn geveld.
Huil, eiken van Basan,
want gevallen is het ondoordringbare woud.
3Hoor de herders jammeren,
want verwoest is hun lustoord.
Hoor de leeuwen brullen,
want verwoest is de trots van de Jordaan.
4Dit heeft de HEER, mijn God, gezegd: ‘Weid de schapen die voor de slacht bestemd zijn. 5Hun kopers kunnen ze zonder wroeging slachten, de verkopers danken de HEER dat ze er rijk van worden, en de herders sparen het vee niet. 6Ik zal immers de bevolking van dit land niet langer sparen – spreekt de HEER. Ik lever de mensen aan elkaar en aan hun koning uit; ze zullen het land vernielen zonder dat Ik ingrijp.’ 7Dus weidde ik het slachtvee dat aan de veehandelaars toebehoorde. Ik nam twee stokken – de ene noemde ik Vriendelijkheid en de andere Eenheid – en daarmee weidde ik het vee. 8Binnen een maand ontdeed ik me van drie herders, omdat ik mijn geduld met hen verloor en zij een afkeer van mij kregen. 9Tegen het vee zei ik: ‘Ik weid jullie niet langer. Laat maar sterven wie sterven moet, laat maar verdwijnen wie verdwaalt, en laat de rest elkaar maar verslinden.’ 10Toen nam ik mijn staf Vriendelijkheid en sloeg hem aan stukken om het verbond te verbreken dat ik gesloten had met alle volken, 11en daarmee was het verbroken.

Lied 12: 1 t/m 3
1. Breng redding, Heer, de vroomheid is geweken.
    Geen mens is trouw; elk is een leugenaar.
    Met gladde tong hoort men ze leugens spreken,
    met vleierij bedriegen ze elkaar.

2. Laat God de lippen van de vleiers treffen,
    de grootspraak doen verstommen van wie zegt:
    "Wie waagt het tegen ons zich te verheffen?
    Ons woord is wet, wij zijn van niemand knecht".

3. "Nu zal Ik opstaan", spreekt de Heer der heren,
    "om wat zij armen hebben aangedaan.
    Ik zal het lot van de verdrukten keren.
    Ik red hen uit. Hun klacht heb Ik verstaan".

Lezing uit het Oude Testament: Zacharia 11: 11b-17
De veehandelaars, die goed op mij letten, begrepen dat ik dit deed in opdracht van de HEER.
12Ik zei tegen hen: ‘Als u tevreden bent, keer me dan mijn loon uit; zo niet, laat het dan maar.’ En ze betaalden mij mijn loon uit, dertig sjekel zilver. 13Toen zei de HEER tegen mij: ‘Bied het de smelter maar aan, dat vorstelijke loon dat zij Me waard vinden.’ Dus bood ik de smelter dat zilver aan en smeet het bij hem in de tempel neer, 14en ik sloeg ook mijn andere staf, Eenheid, in stukken, om de broederschap tussen Juda en Israël te verbreken.
15Toen zei de HEER tegen mij: ‘Rust je nogmaals toe als een herder, als een die niet deugt. 16Ik zal immers in dit land een herder laten optreden die zich om het verdoolde schaap niet bekommert en het afgedwaalde niet zoekt, die het gekwetste niet geneest en het gezonde niet verzorgt, maar die het vlees van de vette dieren opeet en afkluift tot op het bot.’
17Wee de nietsnut van een herder
die de kudde in de steek laat!
Moge het zwaard zijn rechterarm treffen
en zijn rechteroog uitsteken.
Moge zijn arm verschrompelen
en het licht in zijn oog doven.

Lied 12: 4 + 5
Gods mond alleen spreekt woorden die niet falen,
zuivere woorden, onvervalst en klaar,
als zilver dat de smeltkroes zeven malen
gelouterd heeft. Al wat God spreekt is waar.

Laat de geweldenaars op aarde woeden.
Al neemt steeds meer hun valsheid overhand,
Gij Heer, houdt ons voor immer in uw hoede.
Gij zijt trouw, uw woord doet Gij gestand.

Lezing uit het Nieuwe Testament: Filippenzen 4: 5-9 
5Laat iedereen u kennen als vriendelijke mensen. De Heer is nabij. 6Wees over niets bezorgd, maar vraag in alle omstandigheden aan God wat u nodig hebt en dank Hem in uw gebeden. 7Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren.
8Ten slotte, broeders en zusters, laat u leiden door al wat waar is, al wat edel, rechtvaardig, zuiver, beminnelijk en eervol is, kortom door al wat deugdzaam is en lof verdient. 9Doe alles wat ik u heb geleerd en overgedragen, wat ik u heb verteld en laten zien. Dan zal de God van de vrede met u zijn.

Weerklank 76
Wees blij te allen tijde,
verheug u in de Heer!
De Heere is nabij u,
ja, spoedig keert Hij weer!
Laat iedereen het merken
dat Christus in u woont,
dat u in woord en werken
zijn vriend’lijkheid vertoont.

Wees niet bezorgd, maar blijde:
de Heere zorgt voor u.
Laat niet door vrees u leiden,
want Hij staat borg voor u.
En wat u mag ontbreken,
zeg aan de Heer uw nood
met bidden en met smeken,
maak zijn genade groot.

Dank God te allen tijde,
verwacht het uit zijn hand:
dan zal zijn milde vrede
- te hoog voor elk verstand -
uw hart en uw gedachten
behoeden in uw Heer.
Wie op de Heere wachten
verblijdt Hij keer op keer.

Voorts, vrienden, al wat waardig,
wat waar en zuiver is,
beminnelijk, rechtvaardig,
al wat welluidend is -
en al wat u geleerd is,
doe dat en leef daarbij:
en God, de God des vredes,
zal altijd met u zijn.

Verkondiging

Meditatieve stilte

Lied: Wees blij, wees blij (melodie Psalm 8)
Wees blij, wees blij, al zit je soms gevangen
in het waarom - blijf niet in droefheid hangen.
Leef in verbondenheid met onze Heer,
jouw vriendelijke mildheid is zijn eer.

Wees blij, wees blij, God zal zijn vrede geven
als een geschenk, laat Christus in je leven.
Leef rustig naar het beeld van onze Heer,
die nederig zijn weg ging tot Gods eer.

Wees vriendelijk, jijzelf en de gemeente,
helder als water, kleurrijk als gesteente.
Dat iedereen de gratie kennen zal
van God en zijn gemeente overal.

Afkondigingen / mededelingen
Dankgebed en voorbeden
Stil gebed en Onzevader

Overige mededelingen
Inzameling van de gaven

Slotlied 675
Geest van hierboven, leer ons geloven,
hopen, liefhebben door uw kracht!
Hemelse vrede, deel U nu mede
aan een wereld die U verwacht!
Wij mogen zingen van grote dingen,
als wij ontvangen al ons verlangen,
met Christus opgestaan. Halleluja!
Eeuwigheidsleven zal Hij ons geven,
als wij herboren Hem toebehoren,
die ons is voorgegaan. Halleluja!

Wat kan ons schaden, wat van U scheiden,
liefde die ons hebt liefgehad?
Niets is ten kwade, wat wij ook lijden,
Gij houdt ons bij de hand gevat.
Gij hebt de zege voor ons verkregen,
Gij zult op aarde de macht aanvaarden
en onze koning zijn. Halleluja!
Gij, onze Here, doet triomferen
die naar U heten en in U weten,
dat wij Gods kinderen zijn. Halleluja!

Zending en Zegen
Gezongen amen


Toelichting collecte
De diaconie wil deze week de collecte besteden voor jeugddorp De Glind. De Glind is een gewoon, klein en groen dorp, vlakbij Amersfoort, met zo’n 650 inwoners. Bijzonder aan het dorp is dat er al bijna een eeuw uithuisgeplaatste kinderen worden opgevangen in gezinsverband en dat deze omgeving helpt om op te groeien. Op dit moment zijn er 24 gezinshuizen.
Het unieke aan Jeugddorp De Glind is dat het echte leven zich op maat in een kleinschalige en veilige dorpse context afspeelt. En niet zomaar een dorp, maar een dorp met decennialange ervaring met en kennis over jeugdigen met complexe ontwikkelvragen.

 

terug
×